Bosch Global
Gereedschappen voor Huis & Tuin

Water besparen in de tuin

Met een slang en sproeikop is bewateren heel eenvoudig. Richt je echter liever op de wortels van de planten zodat het water daar belandt waar het nodig is.
Met een slang en sproeikop is bewateren heel eenvoudig. Richt je echter liever op de wortels van de planten zodat het water daar belandt waar het nodig is.

Water besparen in de tuin

Water is een essentieel en schaars goed. Daarom is het in de tuin zo belangrijk om alle methodes voor waterbesparing te stimuleren. Met onze 7 tips kun je het milieu helpen en je tuin klimaatvriendelijk maken.

 

1. De juiste planten

Water besparen begint al bij de planning en de juiste keuze van planten voor de tuin. Door klimaatverandering is het nu vooral belangrijk om planten te kiezen die goed bestand zijn tegen water en weinig water nodig hebben.

 

Paprika's, komkommers, pompoenen, courgettes en tomaten zijn planten die veel water nodig hebben om te groeien. Wortelgroenten zoals pastinaken en wortels groeien diep en halen ook water uit diepere lagen als de bovenste 10 cm droog is. Wil je water besparen maar nog steeds dorstige soorten in je moestuin  behouden, dan zijn variëteiten met kleinere vruchten een betere keuze. Ze hebben voor het vormen van vruchten minder water nodig dan grootvruchtige varianten. Voordeel: Juist kleine vruchten zijn erg aromatisch.

Een vasteplantenborder met Echinacea pallida, toorts (Verbascum) en andere droogtetolerante vaste planten.
Een vasteplantenborder met Echinacea pallida, toorts (Verbascum) en andere droogtetolerante vaste planten.

Ook bij sierplanten zijn er soorten die veel water nodig hebben en soorten die met weinig tevreden zijn. Hortensia's (Hydrangea), phlox en ridderspoor (Delphinium) moet je regelmatig water geven, terwijl meisjesogen (Coreopsis verticillata), gipskruid (Gypsophila paniculata) en prachtkaars (Oenothera lindheimeri) ook droge periodes goed kunnen doorstaan. Vaak kun je al aan de planten zien of ze voorbereid zijn op klimaatverandering: Dichtbehaarde bladeren, zoals die van het ezelsoren (Stachys byzantina), voorkomen net als waterhoudende bladeren van de vetkruid (Hylotelephium telephium) sterke verdamping. Ook kleinbladige planten zoals tijm zijn goed aangepast tegen droogte.

2. Ken de waterhoeveelheid in de bodem

Tip
Gericht water geven
Als je in droge tijden moet water geven, is het belangrijk om te weten wat de waterbehoefte van je planten is. Als je water geeft volgens het spreekwoordelijke gieterprincipe, waarbij je alle planten evenveel water geeft, dan verspil je water.

Hoeveel water je moet geven, hangt niet alleen van de planten af, maar ook van de bodemsoort en de weersomstandigheden: Bij diepere, zand-leemachtige of leemachtige bodems is er minder water nodig dan bij bodems met een hoog zandgehalte. Hoe snel het water in de grond weer verdampt, hangt af van de temperatuur. Hier geldt het principe, hoe warmer, hoe sneller. Ook de wind kan grond uitdrogen, maar als er mist in de lucht hangt, vermindert dat de verdamping.

Als je niet zeker weet hoe droog de grond werkelijk is, kan je een schop gebruiken. Steek een spade naast een plant in de grond en druk hem iets opzij. Op deze manier kun je zien en voelen of de aarde in het wortelgebied nog vochtig is.

Tip
Regen meten
Met een regenmeter kun je bepalen hoeveel water er bij een regenbui daadwerkelijk gevallen is. De vuistregel luidt:1 mm neerslag komt overeen met 1 liter water per vierkante meter. Deze hoeveelheid water dringt ongeveer 1 cm diep in de aarde. Om waterminnende planten in de zomer enkele dagen niet te hoeven begieten, moet er minstens 10 mm regen vallen.

3. Water verzamelen

Het beste water om je planten mee te begieten is regenwater. Dit water is minder koud dan leidingwater, bevat weinig kalk en beïnvloedt daardoor de pH of de voedingswaarden van de bodem niet. Als je de regentonnen onder een dakgoot plaatst, kun je zelfs met een klein dakoppervlak van 12 vierkante meter tot wel 10 kubieke meter regenwater opvangen. Grotere hoeveelheden regenwater kun je opslaan in waterreservoirs. Er zijn ondergrondse tanks verkrijgbaar in allerlei formaten en materialen, zoals baksteen, natuursteen of polyethyleen.

Hoe meer regentonnen je in de tuin plaatst, hoe groter je voorraad voor drogere periodes.
Hoe meer regentonnen je in de tuin plaatst, hoe groter je voorraad voor drogere periodes.

4. Op het juiste moment water geven

Je kunt het best 's ochtends vroeg water geven, omdat planten dan het meeste vocht kunnen opnemen. Geef liever minder vaak, maar dan wel overvloedig water: Eenmalig water geven vraagt 10-20 liter per vierkante meter; afhankelijk van de plantensoort, bodem- en weersomstandigheden is dat voldoende voor meerdere dagen. Het is belangrijk om water altijd bij de wortels te geven. Lees hier meer over het correct bewateren van je tuin.

 

Voor kleinere oppervlakken kun je prima een gieter gebruiken, maar het is nog makkelijker met de GardenPump  van Bosch. Met de GardenPump kun je eenvoudig water uit een regenton of een reservoir pompen en je planten bewateren met het zelf opgevangen regenwater via de Fontus .Het kan nog gemakkelijker en waterbesparend met een automatisch irrigatiesysteem. Er zijn volledig automatische systemen die werken met vochtsensoren. Druppelirrigatiesystemen zijn vooral interessant, waarbij slangen boven- of ondergronds liggen en op druppelvorm water afgeven via kleine openingen.

Hier zie je de Fontus in actie: De mobiele lagedrukreiniger kan ook worden gebruikt om de tuin te bewateren.
Hier zie je de Fontus in actie: De mobiele lagedrukreiniger kan ook worden gebruikt om de tuin te bewateren.

5. DIY – eenvoudig watergeefsystemen maken

Soms is het voldoende om specifieke planten die wat extra water nodig hebben, te voorzien van vocht. Met een zelfgemaakt mini-irrigatiesysteem kan je dat gemakkelijk realiseren. Gebruikte plastic flessen, waarvan de bodem is afgesneden, hebben zich als zeer nuttig bewezen. Steek de hals van de fles zo diep mogelijk in de grond bij de wortels van de planten en giet het water dan in de grote opening van de fles. Bijzonder stijlvol zijn de Ollas, waterdispensers van klei, die je ook zelf kunt maken.

6. Water besparen door te mulchen

Mulchen betekent dat je tijdens het groeiseizoen de grond tussen de planten bedekt, waardoor vocht beter behouden blijft. Gebruik idealiter tuinafval zoals grasresten, bladeren of plantenresten als mulchlaag, maar je kunt ook stro, schorsmulch of miscanthus gebruiken om de grond te beschermen tegen verdamping, uitdroging en verharden. Nog een voordeel: Je hoeft niet continu te hakken en water te geven.

 

Er zijn ook speciale mulchfolies en -vliezen, evenals zogenaamd bandweefsel van kunststof. Deze producten zijn waterdoorlatend en kunnen bij correcte behandeling meerdere jaren meegaan. Uit milieuoverwegingen kies je beter voor afbreekbare materialen zoals maïszetmeel, melkzuur of cellulose bij aankoop.

 

Vooral gazonnen lijden onder droogte. Als ze niet worden bewaterd, wordt het gras al snel geel. Het is zeker de moeite waard om een mulchmaaier te gebruiken. Deze grasmaaier is vooral in de zomer goud waard. Bij extreme hitte en droogte verdampt de grond meer water na het maaien, vooral als het gras te kort is gemaaid. De mulchmaaier hakt het gemaaide gras fijn en verspreidt het over de gemaaide oppervlakte, wat de verdamping vertraagt.

Praktisch dubbel voordeel: De Indego robotmaaier van Bosch maait niet alleen, maar laat ook het gras liggen voor een mulcheffect.
Praktisch dubbel voordeel: De Indego robotmaaier van Bosch maait niet alleen, maar laat ook het gras liggen voor een mulcheffect.

7. Paden en parkeerplaatsen in de tuin

Ook je tuinpaden en zitplaatsen spelen een rol in de duurzaamheid van je tuin. Zorg ervoor dat je niet onnodig veel oppervlak afdicht; water moet de kans krijgen om te infiltreren. Als het niet lukt, wordt bij hevige regenval veel meer grond weggespoeld; erosie is het gevolg.

Leg loopvlakplaten daarom met voegen in een grind- en zandbed: Stabiele voegen van 1 cm breed kunnen meer dan 50 procent van het regenwater ter plaatse laten wegzakken. Op de hoofdwegen laten grasstraatstenen, voegbestrating of zelfs alleen grind het regenwater in de grond doordringen. Gazonpaden zijn heel klassiek en bovendien zeer effectief.

 

Als je meer wilt weten over wanneer welke tuinklussen moeten worden uitgevoerd, kun je in onze tuinkalender het juiste moment vinden voor alle belangrijke activiteiten.